Emigreren verandert veel meer dan alleen je woonadres. Je bouwt ergens anders een dagelijks leven op, krijgt nieuwe routines, nieuwe vrienden en langzaam ook een nieuw thuisgevoel. Maar er gebeurt nog iets merkwaardigs: de plek waar je vandaan komt verandert ongemerkt van thuis in logeeradres. En daar had ik vooraf eigenlijk nooit zo over nagedacht. Deze zomer verbleef ik tien dagen bij mijn ouders in Nederland. Met alle voordelen die daarbij horen: veel samen zijn, uitgebreid praten, samen eten en de luxe dat je elkaar niet hoeft in te plannen voor twee uurtjes koffie. Er bestaat die uitspraak dat bezoek en vis na drie dagen beginnen te ruiken. Ik vind drie dagen persoonlijk wat streng, maar ergens rond dag zeven begon ik de theorie beter te begrijpen. Dat heeft niets te maken met hoeveel je van elkaar houdt. Misschien juist wel andersom. Je wilt het leuk houden. En dus begon ik me af te vragen: hoe lossen andere emigranten dit eigenlijk op?
Je bent zelfstandig. Tot je weer in je oude slaapkamer ligt
Een van de vreemdste dingen aan teruggaan naar Nederland is hoe snel oude rollen weer terugkomen. In Spanje heb je je eigen huis, werk, kinderen, administratie en verantwoordelijkheden. Je regelt notarissen, belastingen, scholen en verbouwingen. En een paar dagen later sta je weer in het huis van je ouders en lig je in je oude slaapkamer.
Dat is ergens heel vertrouwd en ook best gezellig. Tegelijkertijd merk je hoe sterk iedereen in de loop der jaren zijn eigen ritme heeft ontwikkeld. Niet alleen als volwassene, maar ook als gezin. Bij ons werd dat deze zomer vooral zichtbaar rond etenstijd. Mijn kinderen zijn inmiddels gewend aan het Spaanse ritme. Om zes uur 's avonds aan tafel gaan voelt voor hen niet als avondeten, maar als la hora de la merienda: het moment waarop je nog iets kleins eet om vervolgens pas later op de avond echt te dineren.
Wij pasten ons natuurlijk aan, maar het resultaat was enigszins voorspelbaar. Om zes uur aten we avondeten en een paar uur later hadden mijn kinderen én ik opnieuw honger. Ons lichaam had blijkbaar nog niet begrepen dat het Nederlandse diner de bedoeling was als definitief einde van de culinaire dag. Gelukkig eten mijn ouders tegenwoordig 's middags warm. Dat maakte het verschil aanzienlijk kleiner. Een warme lunch sluit eigenlijk verrassend goed aan bij het Spaanse ritme en voorkwam in ieder geval dat we de hele dag het gevoel hadden op het verkeerde tijdstip te eten. Het lijkt een klein detail, maar juist in dit soort dagelijkse dingen merk je wat emigratie doet. Je neemt niet alleen een ander adres mee terug naar Nederland. Je neemt ook andere gewoontes, tijden en verwachtingen mee.
Huizenruil: je Spaanse huis als ruilmiddel
Huizenruil lijkt mij daarom een interessante oplossing voor emigranten. Wie in Spanje woont, beschikt immers over iets waar in de zomer veel vraag naar is: een woning in Spanje. Tegelijkertijd zijn er in Nederland en België genoeg mensen die tijdens hun vakantie een leeg huis achterlaten.
In de eenvoudigste vorm ruil je tijdelijk van woning. Jij verblijft een paar weken in Nederland of België, terwijl het andere gezin jouw huis in Spanje gebruikt. Dat scheelt niet alleen aanzienlijk in verblijfskosten, maar geeft beide partijen ook iets wat bij een langer verblijf prettig is: een volwaardige woning met keuken, wasmachine en voldoende leefruimte.
Daar bestaan officiële huizenruilplatforms voor, maar het kan net zo goed via het eigen netwerk. Misschien kent iemand in Utrecht jouw regio in Spanje goed en wil diegene graag twee weken naar Tarragona. Misschien zoekt een gezin uit Antwerpen een verblijf aan de Costa Brava precies in de periode waarin jij naar België wilt.
Als emigrant heb je wat dat betreft een verrassend sterke ruilpositie. Een huis onder de Spaanse zon blijft een aantrekkelijk onderhandelingsmiddel.
Een deel samen, een deel zelfstandig
Een andere mogelijkheid is veel eenvoudiger: verdeel het verblijf. Vier of vijf dagen bij familie en daarna een appartement of vakantiehuis in de buurt.
Daarmee behoud je precies het deel van logeren dat leuk is. Samen ontbijten, uitgebreid eten, kinderen die 's ochtends meteen naar opa en oma lopen en het gevoel dat je echt even onderdeel bent van elkaars dagelijks leven. Daarna creëer je weer wat eigen ruimte.
Dat betekent niet dat je elkaar vervolgens minder hoeft te zien. Je kunt overdag nog steeds samen eten, uitstapjes maken en tijd met elkaar doorbrengen. Alleen heeft iedereen aan het einde van de dag weer zijn eigen plek.
Misschien klinkt dat minder familiair dan twee weken onder één dak, maar een beetje autonomie kan verrassend bevorderlijk zijn voor de gezelligheid.
Verplaats het bezoek naar neutraal terrein
Je kunt het ook helemaal omdraaien en niet bij iemand thuis afspreken. Huur samen een huis voor een paar dagen en maak van het familiebezoek een korte vakantie.
Dat kan aan zee zijn, op de Veluwe, in de Ardennen of ergens anders waar iedereen graag naartoe wil. Het voordeel is niet alleen dat je samen iets onderneemt. Ook de onderlinge verhoudingen veranderen. Niemand is gast en niemand hoeft voortdurend gastheer te zijn.
Dat haalt een subtiele verantwoordelijkheid uit het samenzijn. Niemand hoeft zich druk te maken over handdoeken, boodschappen, opruimen of de vraag of de kinderen inmiddels te veel bezit hebben genomen van de woonkamer. Je verblijft allemaal tijdelijk op dezelfde plek en gaat daarna weer naar je eigen huis.
Juist daardoor kan een paar dagen samen soms intensiever en leuker zijn dan twee weken waarin iedereen zijn gewone leven probeert voort te zetten binnen hetzelfde huishouden.
Maak van terugreizen een terugkerende woonvraag
Wie ieder jaar enkele weken naar Nederland of België terugkeert, kan nog een stap verder denken. Misschien kun je met een andere emigrant een vakantiewoning delen, vaste periodes huren of jaarlijks dezelfde studio reserveren.
Ook tijdelijke huur voor een hele maand kan interessanter zijn dan meerdere korte boekingen. Wie de woning niet de volledige periode zelf gebruikt, kan eventueel met familie of vrienden afspreken de kosten te delen, mits de huurvoorwaarden dat toestaan.
Dat klinkt misschien nogal georganiseerd voor iets wat ooit begon met we slapen wel even bij mijn ouders. Maar na een paar jaar emigreren wordt duidelijk dat verblijf in het land van herkomst eigenlijk een terugkerende woonvraag is.
En terugkerende problemen zijn vaak goedkoper en prettiger op te lossen wanneer je er een systeem voor bedenkt.
En wanneer familie naar Spanje komt?
Precies hetzelfde vraagstuk bestaat natuurlijk in omgekeerde richting.
Wanneer ouders, vrienden of andere familieleden naar Spanje komen, voelt het vanzelfsprekend dat ze bij jou verblijven. Zeker wanneer je voldoende ruimte hebt. Maar ook dan hoeft dat niet voor de volledige vakantie.
Een appartement een paar straten verderop kan ideaal zijn. Of een paar nachten bij jou thuis, gevolgd door een verblijf aan zee, in de bergen of in een andere Spaanse stad.
Dat geeft je gasten bovendien de gelegenheid om méér van Spanje te ervaren. Hun bezoek draait dan niet uitsluitend om jouw huis en jouw dagelijkse leven, maar wordt ook hun eigen vakantie.
Voor degene die in Spanje woont is dat eveneens prettig. Want bezoek heeft vakantie; jij hebt meestal nog steeds werk, administratie, kinderen en een huishouden.
Dat verschil wordt gemakkelijk vergeten.
Misschien hoort een logeerbudget gewoon bij emigreren
Daarmee kom ik bij een kostenpost die volgens mij in vrijwel geen enkele emigratiebegroting voorkomt: het verblijf wanneer je teruggaat naar je land van herkomst.
Voor vliegtickets reserveren we geld. Voor huurauto's soms ook. Maar accommodatie wordt vaak niet meegenomen, omdat de gedachte is dat je wel bij familie kunt slapen.
Financieel klopt dat natuurlijk. Alleen is gratis niet altijd hetzelfde als kosteloos.
Een eigen verblijf kan rust, privacy en zelfstandigheid opleveren en tegelijkertijd de druk van familiebezoek halen. Misschien is het daarom helemaal niet vreemd om jaarlijks een bedrag te reserveren voor een appartement, een paar hotelnachten of een lidmaatschap van een huizenruilplatform.
Niet omdat je minder tijd met familie wilt doorbrengen, maar juist omdat je wilt dat die tijd goed blijft.
Volgende zomer moet het dus anders. Maar hoe?
Voor mezelf heb ik de ideale constructie nog niet gevonden. De tien dagen bij mijn ouders deze zomer waren oprecht gezellig en ik zou die tijd met hen ook niet willen missen. Tegelijkertijd waren we het er na afloop allemaal over eens dat langer niet automatisch beter zou zijn geweest.
Volgende zomer denk ik daarom aan een combinatie. Een paar dagen bij mijn ouders, daarna een eigen plek. Huizenruil lijkt me interessant, housesitting ook. Misschien bestaat er nog een veel slimmere constructie waar ik simpelweg niet aan heb gedacht.
Want dat is uiteindelijk het bijzondere van emigreren: je moet niet alleen opnieuw leren wonen in een ander land. Je moet ook opnieuw uitvinden hoe je terugkomt in het land dat ooit vanzelfsprekend thuis was.
Daarom ben ik vooral benieuwd naar de oplossingen van andere emigranten. Hoe regelen jullie dit wanneer je voor langere tijd teruggaat naar Nederland of België? Logeren jullie bij familie, huren jullie iets, doen jullie aan huizenruil of hebben jullie inmiddels een heel eigen systeem ontwikkeld?
Meer over dit onderwerp
Huis kopen in Spanje? Regel je financiering vóór je verliefd wordt op de woning
Wie een huis in Spanje wil kopen, begint meestal met zoeken. Idealista wordt geopend, regio’s worden vergeleken en al snel ontstaan lijstjes met woningen die…
Artikel lezenEen tweedehands auto kopen in Spanje: waar moet je op letten?
Een auto kopen in Spanje lijkt op het eerste gezicht niet veel anders dan in Nederland of België. Je zoekt een model uit, maakt een afspraak met de verkoper en…
Artikel lezen
Huizenprijzen in Spanje blijven komende jaren stijgen
Jarenlang was Spanje voor veel Nederlanders en Belgen het land waar je nog relatief betaalbaar een woning kon kopen. Een appartement aan de kust, een huis met…
Artikel lezen
