Je hachie naar Spanje: ervaring en tips uit de praktijk

Als je emigreert, wil je je leven meenemen. Maar wat is dat eigenlijk, je leven? Je bed? Je boeken? Je airfryer, je boormachine, je foto’s van vroeger? Veel mensen nemen niet alleen koffers en dozen mee naar Spanje, maar ook… hun hele hachie. Letterlijk én figuurlijk. Ik zie het keer op keer als aankoopmakelaar bij Casalunya. Mensen die hun camper tot op de nok vullen, of transportbedrijven inschakelen die alles moeten verschepen — van fietsen tot kasten tot die ene IKEA-lamp die eigenlijk altijd al scheef hing. Sommigen huren een opslagruimte “voor de dingen die ik nu nog niet mee kan nemen, maar later misschien nodig heb.” 

Zelf ging ik uiteindelijk met tien dozen, wat koffers, twee kinderen en mezelf de grens over. Dat was het. Geen verhuiswagen, geen overvolle container. Gewoon: terug naar de essentie. En weet je? Het voelde heerlijk. Vrij. Licht. Al was dat laatste ook letterlijk: de meeste meubels bleven gewoon in Nederland, in huizen van vrienden, familie of Markplaats-lovers.

De grote trektocht

Iedereen die emigreert, organiseert op de een of andere manier een grote trektocht. Soms letterlijk, met busjes, aanhangers of transportbedrijven die beloven je hele inboedel “in één keer” over te brengen. Spoiler 2: dat lukt zelden. Wat begint als een strak plan (“we nemen alleen het hoognodige mee”) eindigt vaak als een rommelige dans met dozen, wachttijden, douane-gedoe, kapotte potten en verloren ladekastjes. Bij mijzelf ging het ook mis: mijn zending kwam wél aan in Spanje, maar de transporteur deed de “last mile” niet. Oftewel: de laatste 8 kilometer van loods naar huis was mijn probleem. En dat werd dus een gehaaste rit in een gehuurde bus,  midden in corona. Maar hé, het kwam goed.

De emotionele waarde van spullen

Niet alles wat meegaat, gaat mee omdat het praktisch is. Veel gaat mee omdat het voelt alsof het móét.
Omdat het verbonden is met een herinnering, een gevoel, een stukje thuis.

Koffers vol fotoboeken. Een theekopje van oma. Een dekbedovertrek dat “nog naar thuis ruikt”. Of die ene LP waar vroeger altijd de patat op werd geserveerd bij je ouders thuis.

Zelf heb ik dat niet zo. Ik ben niet heel gehecht aan spullen.
Mijn zusje juist wel, zij bewaart nog spullen van onze ouders uit de jaren ’80, dingen met een verhaal. Als ik dat zie, vind ik het ergens ook ontroerend. Maar ik hoef het niet zelf te bewaren.

Wat ik wél meenam? Mijn dagboeken.
Van mijn zevende tot mijn eenentwintigste schreef ik bijna dagelijks. Hele schriften vol.
Ik dacht: als mijn dochter straks zeven is, is dat een prachtig cadeau.

Ze bladerde erin. Even.

“Het is in het Nederlands, mama. Dat vind ik moeilijk om te lezen.”

En daar lagen ze dan. Mijn verhalen. Onaangeroerd.
Maar weet je? Ik ben blij dat ik ze bij me heb.
Niet alles hoeft nut te hebben. Sommige dingen zijn gewoon voor jezelf.

Verschepen, opslaan of vergeten?

Veel mensen twijfelen: neem ik alles mee, of laat ik dingen tijdelijk achter?

Sommigen kiezen voor internationaal transport. Handig, maar prijzig. En soms raakt er iets kwijt of komt het weken later aan dan gepland. Of, zoals bij mij, belandt het niet bij je huis maar ergens tien kilometer verderop.

Anderen huren een opslagruimte in Nederland. “Voor later.”
Maar ‘later’ blijkt vaak gewoon uitstel. Die dozen blijven jaren staan, onaangeroerd. En de huur tikt door.

Soms is het beter, goedkoper én luchtiger om gewoon los te laten.
Want spullen zijn herinneringen, maar geen verplichtingen.

Wat neem je eigenlijk écht mee?

Dat is misschien wel de mooiste vraag van allemaal. Niet: hoeveel dozen, maar: wat wíl je meenemen?

Neem je die koffiemok mee waar je elke ochtend uit drinkt?
Dat schilderij van je moeder dat je altijd rust geeft?
Je favoriete koekenpan of je oude gitaar?

Of neem je juist de ruimte mee om opnieuw te beginnen, een leeg huis dat je langzaam vult met spullen die passen bij je nieuwe leven?

Uiteindelijk neem je jezelf mee

Dat is misschien wel de kern van emigreren.
Je neemt jezelf mee.
Je dromen, je gewoontes, je verwachtingen, je familie als je die hebt, je hoop.
En geloof me dat is al meer dan genoeg om te dragen.

Laat los wat los kan. Lach om wat je wél meeneemt.
En als je straks onder de Spaanse zon zit met die ene koffiemok, of je dochter op schoot en een boek in je hand,  dan weet je: dit was het waard.

En jij?

Wat heb jij allemaal meegesleept naar Spanje?
Een tuinkabouter? Een diepvries vol bitterballen? Die kapotte vaas “voor als je ooit tijd hebt om hem te lijmen”?

Vertel het ons!
Deel je verhaal via Instagram of mail. We verzamelen de leukste, gekste en liefste verhalen in een vervolgblog (of misschien zelfs een podcast). Je mag ook foto’s sturen — vooral als je trots bent op je georganiseerde dozen (of juist op je chaos 😉).

Over de auteur
Hieke Voorberg is aankoopmakelaar bij Casalunya en mede-oprichter van het platform Emigreren kun je leren. Ze helpt Nederlanders en Belgen bij het kopen van een woning en het opbouwen van een leven in Spanje — met aandacht voor het praktische én het persoonlijke. Haar motto: emigreren leer je niet uit een boek, maar door het gewoon te doen.

Blijf voorbereid – stap voor stap

Meld je aan en krijg praktische emigratie-inzichten direct in je inbox. Compact, eerlijk en zonder gedoe – precies wat jij nodig hebt voor een soepele start in Spanje.

Deel dit bericht:
Facebook
X
LinkedIn
WhatsApp
Email

Abonneer op mijn nieuwsbrief